Het Midden-Oosten in het tweede millennium voor Christus

Het Midden-Oosten is de bakermat van onze beschaving. Egypte – het land van de Nijl – en Mesopotamië – het land tussen de Eufraat en de Tigris – waren de hoofdspelers op dit toneel: ze vonden het schrift, de wiskunde, de monumentale architectuur en de stadsbeschaving uit.
In de eerste cursus – Sumer en Akkad – hebben we de eerste stappen van een van deze beschavingen gevolgd, tot ongeveer 2000 voor Christus.

De cursus Babylon en Assur vervolgt het verhaal van het Midden-Oosten, tot rond 1000 voor Christus. In deze periode komen de grote Mesopotamische beschavingen van de Babyloniërs (1800 – 1600 v. C) en de Assyriërs (1400-1050 v. C) tot ontwikkeling en gaan ze ook weer ten onder. We maken kennis met kunst, architectuur, wetenschap en literatuur van deze volkeren. En we volgen hun invloed op hun buurlanden, waar allerlei belangrijke beschavingskernen ontstonden en in ons cultureel erfgoed werden opgenomen: de wereld van de Hettieten in Turkije, het ontstaan van koninkrijkjes in Palestina, de invloed van de oostelijke Middellandse Zee (de Minoïsche beschaving en de val van Troje).
Egypte blijft net als bij de eerste cursus in hoofdzaak buiten beschouwing, hoewel de contacten tussen de verschillende cultuurgebieden wel worden besproken.

Docent:                      Jos Loonen
Waar:                          Muziekhuis naast Boerderij Denissen grote zaal
Wanneer:                   dinsdagmiddag van 14.00 – 16.00 uur
Cursusdata:              3, 10, 17 en 24 nov., 1 en 8 december
Kosten:                      voor leden KBO B-E: € 20,-
Deelnemers:             max. 15 personen